Kies op maat

Login Menu

HRM voor leidinggevenden

Door het aanbieden van deze minor zal de (aankomende) leidinggevende competenties ontwikkelen met betrekking tot HRM.

De student zal zodoende meer toegerust zijn om rond de thema’s instroom, doorstroom en uitstroom van medewerkers zijn komende taken als leidinggevende te kunnen uitvoeren.

In deze minor zullen de volgende studieonderdelen worden behandeld.

  1. De bijdrage van HRM aan de continuïteit en concurrentiekracht van de organisatie binnen het vakgebied waarin de student afstudeert.
  2. Bruikbare HR-instrumenten kunnen toepassen vanuit de optiek van de operationeel leidinggevende.
  3. Gespreksvaardigheden m.b.t. en coachen, aansturen en begeleiden van (groepen) medewerkers binnen een arbeidsorganisatie.
  4. Motivatiefactoren in de relatie medewerkers en arbeidsorganisatie als binding, kwaliteit van het werk en arbeidsomstandigheden.
  5. Procedurele en wettelijke trajecten met betrekking tot o.a. arbeidsongeschiktheid, ontslag, medezeggenschap.
  6. Kosten in relatie tot instroom, doorstroom en uitstroom van medewerkers.

Leerdoelen

Visie: Afstand nemen van de dagelijkse praktijk, zich concentreren op hoofdlijnen en lange termijnbeleid. Beschrijft het werkterrein van personeelsmanagement en signaleert ontwikkelingen daarin.

Oordeelsvorming: Relevante gegevens verzamelen en interpreteren met het doel een oordeel te vormen op basis van afweging van relevante aspecten. Signaleert en beschrijft oplossingen voor personeelsproblemen op basis van beschikbare informatie. Beargumenteert welke oplossingsalternatieven voor een personeelsprobleem de voorkeur verdienen op operationeel niveau.

Probleemanalyse: Problemen opsplitsen in relevante onderdelen en daartussen relaties leggen. Signaleert en beschrijft problemen op het gebied van personeelsmanagement mbv begrippen en modellen uit relevante theorie. Legt bij problemen op het gebied van personeelsmanagement verbanden en wijst mogelijke oorzaken en / of gevolgen aan.

Organisatiesensitiviteit: Zich bewust tonen van belangen van anderen in de organisatie, onderkennen van invloed en gevolgen van eigen beslissing of activiteit op (onderdelen van) de organisatie.

Coaching/begeleiding: Medewerkers ondersteuning geven en stimuleren ter bereiking van een overeengekomen doel. Geeft medewerkers situationele constructieve kritiek; geeft persoonlijke feedback m.b.t. sterke en zwakke kanten.

Stimuleert medewerkers eigen verantwoordelijkheid te nemen; stelt ze in staat persoonlijke successen te behalen.

Vertaald naar de leerdoelen:

    • de relatie tussen de organisatieomgeving, strategisch management en personeelsmanagement kunnen beschrijven.
    • kunnen aangeven wat de rol van de lijnmanager en de rol van de afdeling P&O is bij het behalen van doelstellingen.
    • kunnen aangeven welke personeelsinstrumenten relevant zijn voor het leidinggeven aan medewerkers (aansturen, motiveren en begeleiden) in een organisatie.
    • als (aankomend) lijnmanager personeelsinstrumenten kunnen toepassen en hanteren binnen de eigen werkorganisatie.
    • tonen van de juiste houding en gedrag die van belang zijn voor het adequaat leidinggeven aan medewerkers
    • het kunnen opstellen, interpreteren en toepassen van een personeelsbegroting en de belangrijkste personele ken- en stuurgetallen voor de eigen werkorganisatie.
    • kennis hebben van relevante procedures en arbeidsrechtelijke consequenties bij het aansturen van medewerkers.
    • inzicht hebben in motivatieaspecten van mensen in een arbeidsorganisatie.

Aanvullende informatie

Voor meer informatie neem contact op met dhr. S.A van Rooijen via S.A.Rooijen@hhs.nl

Toetsing

Take home toets:

Studenten formuleren oplossingsalternatieven voor de uitgereikte opdrachten en casussen. Deze worden samengevoegd in de portfolio. Onderdeel van de take home toets is groepspresentatie over een specifieke stijl van aansturing van medewerkers. Daarnaast zal de portfolio bestaan uit een drietal notities over de onderwerpen die de student besproken heeft met zijn externe mentor.

Minimale eisen

- compleet, bruikbare, toepasbare en toegelichte oplossingen voor de beschreven opdrachten en casussen. In de notities zullen naast een heldere inhoudelijke beschrijving aangegeven dienen te worden welke leerervaring de student tijdens deze gesprekken heeft opgedaan (reflectie)

Beoordeling portfolio: cijfer 1 - 10

Assessment:

De minor wordt afgesloten met een assessment. De student wordt in een situatie gebracht waarin hij handelend moet optreden op een of enkele gebieden van het personeelsbeleid.

Minimale eisen

De student weet zich tijdens het assessment staande te houden in de rol van leidinggevende en gebruik te maken van de theorie en (gespreks) vaardigheden die in de minor aan de orde zijn gekomen.

Beoordeling assessment: voldaan of niet voldaan.

Het assessment dient als voldaan beoordeeld te zijn.

Individueel schriftelijk tentamen.

Beoordeling: cijfer 1-10

Weging van de toetsing

Het eindcijfer van de minor wordt bepaald door de beoordeling van het individueel schriftelijk tentamen (50%) en de beoordeling van het portfolio ( opdrachten(50%). Voor het tentamen en het portfolio dient men minimaal een 4.5 te halen, met een gemiddelde van minimaal een 5.5

De herkansing van de aanwezigheidseis bestaat uit een vervangende opdracht die eveneens als voldaan is beoordeeld.

Literatuur

Operationeel personeelsmanagement, Schoenmaker en Koopmans, Noordhoff Uitgevers 2011, 3e druk ISBN 978-90-01-81012-2

Reader Minor HRM voor leidinggevenden.

Artikelen, uitgereikt tijdens de verschillende lessen

Sheets presentaties.

Rooster

Nog niet beschikbaar.