Kies op maat

Login Menu

Mooi onderwijs maken met kunst

Heb je wat met kunst en wil je graag met kunst in de klas werken? Wil je juist je onderwijs tot kunst maken? Of wil je ‘gewoon’ veel met kunst bezig zijn?

Het vrijeschoolonderwijs wordt beschreven als onderwijs waarin opvoedkunde tot opvoedkunst wordt. Dat geeft aan dat werkers in het vrijeschoolonderwijs pedagogische kunstenaars zijn. Het gaat dan om zaken die ‘pedagogische tact’ (Stevens, Bors 2013) of pedagogische virtuositeit’ worden genoemd. (Biesta, 2014)
Hoe kun je als student zover komen dat je onderwijs tot kunst kan worden? De kunsten zelf bieden hierin een weg. Je hebt bagage nodig om tot pedagogisch oordelen te komen en pedagogische tact te ontwikkelen. Deze ‘bagage’ wordt in de minor vanuit de kunsten aangeboden.

Korte inhoud:

  • In colleges worden de diverse kunstvormen besproken en in samenhang gebracht met (de ontwikkeling van) de mens. De relatie met de –antroposofische- kijk op en de mens wordt hierin besproken en onderzocht. Ook gastdocenten worden uitgenodigd om vanuit hun kunst te vertellen.
  • In werkcolleges worden de aangeboden kunsten onderzocht op hun eigenheid en specifieke werking op de mens
  • In zelfstudietijd worden de kunsten verder praktisch onderzocht en wordt een keuze gemaakt voor een gerichte studie en uitwerking binnen één kunstgebied (beeldend driedimensionaal, beeldend platte vlak, euritmie, spraak/drama, textiel of muziek)
    De uitwerking kan gaan in de richting van een verdieping in de kunst of de verbinding naar de pedagogie door het ontwerpen van onderwijs of een combinatie van beide.

In stages worden ervaringen buiten de muren van de hogeschool en de eigen kamer opgedaan. Dat kan gaan om stages in een school of scholen, het volgen van cursussen, meelopen met een kunstenaar, educatieve afdeling van musea, etc.

Ervaring van een student:

“Warm, vrijheid, open, eigenleerproces, groep, kunstzinnig.” 

Toelichting:

“Je begeeft je een half jaar in een warm bad, waarbij je de vrijheid krijgt jouw eigen onderzoeksvraag te onderzoeken. Je wordt op een open en liefdevolle manier begeleid. Tijdens de minor en aan het einde van de minor heb je een mooie groep mensen om je heen waar je gedachtes, gevoelens en discussies mee hebt gedeeld. Het kijken naar kunst vraagt om een open maar kritische blik en om die te ontwikkelen worden je handvatten aangereikt. Je hebt zelf de touwtjes in handen en kunt je eigen leerproces aan gaan. Je beleeft een half jaar lang kunst die je met mooie mensen om je heen kunt delen. Door de groep word je uit je eigen vaste denk patroon gehaald en kun je onderzoek doen buiten je veilige bekende haven. Ik heb een super tijd gehad!”

Suzanne (minor 17.18, Vrijeschool Pabo)

Leerdoelen

  • Je verbreedt en verdiept je creatief-kunstzinnige uitgangspunten, om deze in te kunnen zetten bij het ontwerpen van onderwijs of onderwijs-achtige situaties.
  • Je verwerft inzichten in de menskundige werking van diverse kunstvormen.
  • Je verwerft inzicht in de pedagogische werking van verschillende kunstvakken.
  • Je bekwaamt je in een of meerdere zelfgekozen kunstdisciplines.

Aanvullende informatie

Herkansingsmogelijkheden:
In overleg door aanvulling of omwerking van onvoldoende werk.

Ingangseisen

Voor alle studenten die belangstelling hebben voor en affiniteit met onderwijs en kunst en hun onderlinge relatie.

Toetsing

Toetsing vindt plaats middels:

  • Digitaal Portfolio waarin diverse zaken zijn opgenomen die gedurende de minor zijn geschreven. Beschouwingen, reflecties, verslagen bezoeken aan voorstellingen en musea, onderzoeksplan en procesverslag. (V/O)
  • Essay waarin de diverse aangeboden zaken van de minor met elkaar in verband worden gebracht en onderbouwd vanuit een eigen visie. Het gaat daarbij om de werking van de kunsten, menskunde en pedagogie. (V/O)
  • Presentatie in de vorm van expositie, productie, voorstelling of referaat met kunstzinnige verwerking (V/O)

Literatuur

Wat betreft literatuur zal worden geput uit de volgende bronnen. Diverse te bestuderen bronnen wordt in readers en op itslearning aangeboden.

Biesta,G. 2017 Door kunst onderwezen willen worden. AtrEZ Press

Biesta,G. 2014. Goed onderwijs en cultuur van het meten. Boom Lemma

Manen, M van. 2014. Weten wat te doen wanneer je niet weet wat te doen. NIVOZ

Steiner,R. (1993) Algemene menskunde als basis voor de pedagogie, Zeist: Christofoor

Steiner,R. Praktijk van het lesgeven, Zeist: Christofoor

Steiner, R. (2001) Kunst en Cultuurvernieuwing, tweede voordracht. Zeist: Vrij Geestesleven

Rooster

Omdat het werken aan kunsten een arbeidsintensief gebeuren is waarbij begeleiding belangrijk is, is aanvankelijk een minimaal aantal contacturen van 4,5 per week voor colleges en 6 per week voor werken in de kunsten een voorwaarde. Daarnaast zijn atelieruren ingeroosterd. In periode 1 zijn hier soms gerichte opdrachten voor gegeven. Colleges blijven gedurende de hele minor doorlopen. Kunstvakken zijn in periode 1 gezamenlijk en in periode 2 meer individueel.

Roosteropzet periode 1 (in ideaalsituatie):

Maandag en vrijdag:
9.00-16.00 uur: Zelfstudie/Stage

Dinsdag t/m donderdag:
9.00 -  10.30 uur: Theorie college
11.00 - 13.00 uur: Diversekunstvakken
13.30 - 16.00 uur: Atelieruren

Aantal contacturen in periode 1: ca. 10,5 per week
Aantal contacturen in periode 2: ca. 6,5 per week (diverse kunstvakken vervallen)
Zelfstudie gemiddeld ca. 20 uur per week, niet steeds gelijk verdeeld over de weken.

In de colleges wordt een basis gelegd door aan diverse zaken aandacht te besteden: kunst in relatie tot mens, fenomenologische wijze van werken m.b.t. kunst, onderscheid van ruimte en tijdkunsten, artistic research, pedagogisch didactische gezichtspunten omtrent ‘modern’ onderwijs, e.a.

In het tweede deel van de ochtenden wordt e.e.a. in verband gebracht met een aantal concrete kunstvormen. Dit betreffen de volgende: boetseren/ 3D; schilderen/vormtekenen/2D; muziek; euritmie; spraak/drama; textiel

In het zelfstandige deel wordt mede van hieruit een eigen onderzoek opgestart en uitgevoerd in één van de aangeboden kunsten.  Daarnaast zal een deel van het onderzoek zich richten op het onderwijs. Hoeveel kunsten kunnen worden aangeboden is afhankelijk van het aantal studenten.