Kies op maat

Inloggen Menu

Passend Onderwijs en Leerlingenzorg

De minor Passend Onderwijs en Leerlingenzorg maakt van jou een vakkundig docent die vanuit een onderzoekende houding problemen signaleert die in het werken met jongeren in schoolsituaties in het vo en mbo ontstaan, er systematisch naar kijkt en er planmatig naar handelt. Daarnaast krijg je zicht op het zoeken naar middelen en richtingen om geschikte begeleiding voor de zorgleerlingen op te zetten en uit te voeren. In deze minor komen alle 7 SBL-competenties aan de orde komen.

Leerdoelen

Voor de minor Passend Onderwijs en Leerlingenzorg gelden de volgende doelen:
-       studenten kunnen de kernactiviteiten voor praktijkonderzoek uitvoeren.
-       studenten weten wat het belang is van onderzoeksvaardigheden in het onderwijs.
-       studenten hebben kennis van relevante en actuele ontwikkelingen rondom passend onderwijs en van de richtlijnen vanuit het ministerie van onderwijs.
-       studenten hebben in theorie en praktijk actuele en relevante (ortho)pedagogische kennis en vaardigheden verworven. De studenten verwerven kennis en vaardigheden op het gebied van handelen in de klas, signaleren en doorverwijzen.
-       studenten hebben in theorie en praktijk actuele en relevante (ortho)didactische kennis en vaardigheden verworven.
-       studenten kunnen op een professionele manier kennis aan elkaar over dragen over (ortho)pedagogische en (ortho)didactische thema’s binnen passend onderwijs.

De studenten werken aan deze doelen door gebruik te maken van de reguliere opleidingsdoelen en dan op afstudeerniveau, namelijk:
- de 7 SBL Competenties op startbekwaamheidsniveau, zoals die voor de lero HR zijn uitgewerkt in de competentiebeschrijvingen.
- de 5 Dublin descriptoren zoals die op de lero HR zijn uitgewerkt.

Ingangseisen

De Minor Passend Onderwijs en Leerlingenzorg is bedoeld voor studenten van het IVL, die een 2e graads lerarenopleiding volgen. Studenten kunnen deelnemen als ze alle studiepunten van leerjaar 1 en 2 zijn behaald. Uit jaar 3 zijn minimaal 30 studiepunten behaald, waarvan 15 voor stage Leren en Werken.

Toetsing

- Je maakt zowel voor de basisminor als voor de specialisatie opdrachten waarbij o.a verdieping in de aangeboden theorie van belang is. Je docent beoordeelt of de doelen van het minoronderdeel bereikt zijn, of je de beoogde competenties hebt verworven.
- Als onderdeel van afsluiting en beoordeling van minoronderdelen reflecteer je op de leerdoelen en geef je aan op welke manier deze bereikt zijn.
- De innovatieve opdracht wordt beoordeeld.
- Het stagedeel wordt afgesloten met een assessment startbekwaam. Hier hoort ook een afsluitend gesprek bij van de student met vakcoach en stagebegeleider/BiS.
In dat gesprek worden de competenties van de student beoordeeld op niveau 5/6 aan de hand van het portfolio van de student. In het portfolio moet voldoende bewijs aanwezig zijn voor vakcoach en stagebegeleider/ BiS om het stagedeel van het afstuderen met goed gevolg te kunnen afronden.

Literatuur

P. Teitler (2010). Lessen in orde, Handboek voor de onderwijspraktijk. Bussum:  Coutinho.
Donk, C. van der, Lanen, B. van (2009). Praktijkonderzoek in de school. Bussum: Coutinho.
Voor de specialisatie worden de verplichte literatuur twee weken voor aanvang bekend gemaakt.

Rooster

De minor wordt aangeboden in onderwijsperiode 1 en loopt door tot en met onderwijsperiode 2. Bijeenkomsten vinden plaats op maandag en duren 4 lesuren. Daarnaast werkt de student van woensdag t/m vrijdag. aan de praktijkcomponent in de school

Lestijden:
Voltijd: Maandag van 08:30 - 18:00 uur
Deeltijd: Donderdag van 17:00 - 22:00 uur