Kies op maat

Login Menu

Jongerenwerk in de Grote Stad

De minor Jongerenwerk is een programma over professioneel agogisch werken met jongeren. Het beroep van jongerenwerker gaat over het begeleiden van groepen jongeren in de vrije tijd. De minor is een verdiepings-, of verbredingsprogramma rondom het werken met jongeren in het derde milieu, het opvoedkundige terrein naast gezin en school. In het jongerenwerk gaat het erom jongeren op een pedagogische wijze te helpen te participeren aan de maatschappij, jongeren te ‘empoweren’ en jongeren te leren om zich op een effectieve manier te uiten. Participatie van jongeren bij de vormgeving van het jongerenwerk is een centraal thema van de minor.

De minor is de afgelopen jaren steeds vernieuwd en aangepast naar aanleiding van de feedback van werkveld en studenten en naar aanleiding van actuele ontwikkelingen. Het programma is niet statisch; indien nodig kunnen lopende het jaar aanpassingen gedaan worden en kan er worden ingespeeld op de actualiteit.

In de minor is voldoende mogelijkheid om daadwerkelijk contact te leggen met jongeren. Dit kan onder andere in de onderzoekwerkplaats die wordt gedaan in samenwerking met het lectoraat Jongerenwerk (Youth Spot). In het tweede deel van de minor wordt de getrainde methodiek Edutainment uitgevoerd met een groep jongeren. Zo kunnen alle mogelijkheden van het jongerenwerk worden ervaren.

Leerdoelen

• Studenten verdiepen zich  - o.a. door middel van de aangeboden theorie en het praktijkgericht onderzoek - in visie, beleid en methodiek van het jongerenwerk dat in stedelijke gebieden,  nationaal en internationaal plaatsvindt. Op basis hiervan zijn ze in staat een eigen visie op het  jongerenwerk te verwoorden en te beschrijven.  
• Studenten kunnen na afloop op preventieve en (ped)agogische wijze jongeren helpen te participeren aan de samenleving. 
• Studenten hebben na afloop kennis van  de leefwereld van de jongeren van nu. Ze kunnen deze uitingen interpreteren en in hun context plaatsen. Daardoor zijn ze in staat contacten met jongeren te leggen, te onderhouden en vanuit deze relatie agogisch met hen te werken.   
• Studenten hebben inzicht in het netwerk van organisaties waar het jongerenwerk gebruik van kan maken. Ze ontdekken de mogelijkheden en de onmogelijkheden van het werken in netwerkverband.

Aanvullende informatie

Vragen over de minor
Contact Marco Bijl, m.p.g.bijl@hva.nl

Vragen over de Kies op Maat-procedure?
Contact Liesbeth Steenbeek, e.c.e.steenbeek@hva.nl

Ingangseisen

Voor de minor is het niet een vereiste, maar wel handig om ervaring te hebben in het werken met jongeren in de leeftijd van 10 tot 23 jaar, bijvoorbeeld als vrijwilliger of tijdens een stage. 

Toetsing

1.      Het beleid- en methodiekprogramma (6 studiepunten; 3 in kwartaal 1, 3 in kwartaal 2); toetsvorm: tentamen
2.      Training: Edutainment-coach (3 studiepunten); toets​vorm: tentamen
3.      Uitvoering Edutainment (4 studiepunten); toetsvorm: uitvoering en reflectie
4.      De collegeserie: 'Leefwerelden van Jongeren' (3 studiepunten); toetsvorm: thuistoets en opdracht
5.      Serie Good Practices (4 studiepunten; 2 in kwartaal 1, 2 in kwartaal 2); toetsvorm: essay
6.      Onderzoek (10 studiepunten); toetsvorm: onderzoek en presentatie

Literatuur

Verplichte literatuur:

  1. 'Handboek modern Jongerenwerk', Veenbaas, Noorda, Anbaum, VU uitgeverij 2011.
  2. 'Leefwerelden van jongeren', Joke Hermes, Pauline Naber, Arjan Dieleman, Coutinho, 2012 (let op tweede druk!) ISBN 9789046903162
  3.  'Handboek Edutainment' B&A groep, 2011, te verkrijgen in de minor
  4. 'Talentgericht werken met kwetsbare jongeren. Ontwikkelwerk, erkeningswerk, verbindingswerk.' Abdallah, S., Kooijmans, M., & Sonneveld, J. (2016). Bussum: Coutinho
  5. 'Jongerenwerk Nieuwe Stijl'. Frank van Strijen,  SWP Amsterdam 2012.
  6. 'Kleine stappen, grote overwinningen'. Jongerenwerk historisch beroep en perspectief. Metz, J. Amsterdam: SWP, 2011
  7. 'Praktijk onderzoek in zorg & welzijn'. Cyrilla van der Donk & Bas van Laanen. Coutinho Bussum 2015.

Deze literatuur kan tijdens de minor nog worden aangevuld.

Aanbevolen literatuur:

  1. 'Jongerenwerker'.  Competentieprofiel, Corrie van Dam en Niels Zwikker,  Movisie,  2008 ISBN 978-90-8869-026-6
  2. 'Jeugdbeleid in transitie', Jan Bekker en Toby Witte, Couthino, 2014
  3. 'Een theorie van presentie'. Andries Baart, Boom Lemma, 2014
  4. 'Hoeklijnen, ambulant jongerenwerk', Jan Schellekens, SWP, 1998
  5. 'Respect! 99 tips voor het omgaan met jongeren in de straatcultuur', Hans Kaldenbach, Uitgeverij Prometheus Amsterdam 2006.
  6.  'Kapot moeilijk' Jan Dirk de Jong, Aksant Amsterdam 2007 (download pdf via rebond.nl)
  7.  'Battle zonder knokken' talentcoaching voor risicojongeren, Maike Kooymans. SWP Amsterdam  2009

Rooster

Vaste lesdag is dinsdag (onder voorbehoud) de gehele dag (VT en DT); daarnaast twee andere dagen(onder voorbehoud)​ voor VT. Incidenteel kan ook voor DT op een andere dag dan de vaste minordag een deelprogramma worden aangeboden.