Kies op maat

Login Menu

Minor muziek i.s.m. Conservatorium van Amsterdam

Van alle kanten is momenteel duidelijk dat er “Meer Muziek in de Klas” moet klinken. Koningin Maxima is erevoorzitter van “Meer muziek in de Klas”. Er is een beweging op gang gekomen die zich op vele manieren openbaart, op tv, in de klassen, door studiedagen voor muziek. Het doel is:

Structureel muziekonderwijs voor alle 1,6 miljoen basisschoolleerlingen in 2020.

Het belang van zingen en muziek maken voor en met kinderen wordt door wetenschappelijk breinonderzoek steeds meer onderbouwd. Helaas is in het onderwijs de afgelopen jaren steeds minder aandacht besteed aan de expressievakken. Nu wordt persoonsvorming en burgerschap juist wel weer noodzakelijk geacht. Muziek zou daar een veel grotere plaats in mogen hebben dan het nu het geval is. Kinderen kunnen door muziek ontdekken wie zij zijn. Ze ontdekken hun talenten voor muziek en krijgen daardoor zelfvertrouwen en uithoudingsvermogen. Bij muziek ontdekken ze dat iets leren niet vanzelf gaat, maar dat je er hard voor moet werken. Ze leren geconcentreerd bezig te zijn, te luisteren naar wat ze doen en leren met feedback omgaan. Het kind wordt zo gestimuleerd om eigen talenten te ontwikkelen, om samen te werken en om elkaar te leren waarderen. Dit alles draagt bij aan de persoonsvorming van het kind: wie wil je worden, wie kun je zijn? 

In 2013 is er  een convenant gesloten tussen o.a. de gemeente Amsterdam, Amsterdamse schoolbesturen, Hogeschool iPabo en de Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten (waaronder het conservatorium van Amsterdam, het CvA valt). Hierin werd overeengekomen dat er Meer Muziek in de Klas zou klinken als vast onderdeel van het curriculum. Deze minor is een uitwerking van dat convenant en is in samenwerking met het CvA ontwikkeld.

Leerdoelen

Hoofddoel:

De student heeft een visie op de mogelijkheden en de eigenheid van muziek in de klas en kan met behulp van de eigen muzikale vaardigheden muziek zowel vakinhoudelijk als in samenhang met andere vakken inzetten en daarmee de leerlingen uitdagen te ontdekken wie zij zijn en wat zij kunnen.

 

De student werkt tijdens deze minor:

  • aan de eigen de muzikale vaardigheden door lessen gitaar, zang en bodypercussie te volgen aan het CvA,
  • op een praktijkgerichte manier aan zijn muzikale en pedagogische vaardigheden,
  • aan het verwerven van kennis van het muziekaanbod voor de hele basisschool,
  • aan het geven van kwalitatief hoogstaande muzieklessen, samen met een CvA-student (of een vakleerkracht muziek) in de vorm van duostages,
  • aan het organiseren van muziekactiviteiten en het begeleiden hiervan in alle basisschoolgroepen,
  • aan het doorgeven van eigen pedagogische en didactische kennis en vaardigheden door het geven van workshops aan studenten van het CvA,
  • aan een onderzoeksmatige houding waarbij hij de verschillende visies op het vak kan koppelen aan en vertalen naar de eigen onderwijspraktijk,
  • aan de bewustwording van de eigen muziekbeleving en de wijze waarop deze een rol speelt in zijn onderwijs.

Aanvullende informatie

Er is in deze minor veel ruimte voor eigen inbreng, en studenten worden zeer vrij gelaten in hun onderzoek. Dit vergt ook een hoge mate van zelfstandigheid van de student.

Hou er daarnaast rekening mee een hoop tijd, een dag per week, zelfstandig te moeten studeren. Bijvoorbeeld door thuis gitaar te oefenen.

Ingangseisen

De minor is geschikt voor 3e of 4e jaars studenten die een opleiding volgen in de educatie, pabo of lerarenopleiding, daarvan ten minste 120EC hebben behaald), en gemiddeld voldoende staan voor de stage. Een toelatingsgesprek maakt mogelijk deel uit van de procedure. 

Het strekt daarbij zeer tot aanbeveling reeds in staat te zijn een instrument te kunnen bespelen. 

Toetsing

  • Mijn muzikale kwaliteiten: toetsing van de instrumentale en zangkwaliteiten gebeurt op het CvA in de vorm van het presenteren van de eigen vaardigheid op het instrument en de zang. De kijkwijzer van het CvA is leidend voor de beoordeling. Een certificaat wordt na het volgen van de gehele minor afgegeven door het CvA.

 

  • Kind en muziek: iPabo studenten geven workshops aan CvA-studenten. Onderdelen: voorbereiding, uitvoering, evaluatie en reflectie op de gegeven workshop. De inhoud van de workshop is gebaseerd op wetenschappelijk onderbouwde theorie en eerder opgedane ervaringen van de student in de stage. Het draaiboek voor de workshop moet vooraf worden ingeleverd bij de pedagogiekdocent. Na een GO gaan de studenten de workshop op het CvA geven. Na afloop wordt een verantwoording van de onderlinge samenwerking (taakverdeling, urenverantwoording, kwaliteit van de samenwerking etc.). Tevens wordt de feedback van de CvA-studenten op de gevolgde workshops meegenomen.
  • Ik als cultuurdrager: onderzoek (verslag, presentatie van conclusies, PPT, poster etc.)
  • Stage: de student loopt stage en wordt hierop beoordeeld, in het bijzonder op het geven van een muziekles. De student toont zijn ontwikkeling gedurende deze minor aan d.m.v. een vlog (videoverslag). De doelen zijn zowel muzikaal als pedagogisch-didactisch. 

Literatuur

Bremmer, W. M. (2016). Muziekeducatie doen we samen. Amsterdam: Conservatorium van Amsterdam. Samenwerkingsproject tussen het Conservatorium van Amsterdam, de Universitaire Pabo van Amsterdam, de Pabo van de Hogeschool van Amsterdam en de iPabo. 

Rooster

onder voorbehoud

twee lesdagen, waarvan één op het CvA en één op de iPabo (waarschijnlijk de vestiging in Alkmaar), twee dagen stage, een dag zelfstudie.