Kies op maat

Login Menu

Constructies

De minor constructies wordt aangeboden aan studenten die zich willen bekwamen in het ontwerpen en berekenen van draagstructuren van gebouwen (bouwkunde) en kunstwerken (civiel). Zowel op een architectenbureau als op een ingenieursbureau is kennis van draagstructuren onmisbaar. Voor het beroep van constructeur en ontwerper heb je de kennis en rekenvaardigheid uit deze minor nodig.
In de voorgaande modules is de basiskennis van de mechanica en het ontwerpen en berekenen aangeleerd en vervolgens toegepast op eenvoudige constructieonderdelen zoals die in de bouwpraktijk voorkomen. Deze kennis is toegepast bij het ontwerpen en berekenen van constructies bestaande uit het materiaal staal, beton en hout. In de minor constructies gaan we meer complexe constructies ontwerpen, berekenen en tekenen.
Vooral constructies van staal en beton komen hierbij aan de orde, maar ook wordt aandacht besteed aan enkele specifieke complexe probleemgebieden uit de grondmechanica en de bouwuitvoering. Verder leer je hoe je constructie-elementen waarvan je de afmetingen hebt berekend vertaalt naar bestek- en werktekeningen en hoe je ze helder en éénduidig weergeeft.

Leerdoelen

Door de civiele studenten worden in deze minor de competenties C04 (detailleren, berekenen en tekenen) en C11(directievoeren) op niveau 3 verworven.
Door de bouwkunde studenten worden de competenties B04 (detailleren, berekenen en tekenen) en B11 (directievoeren) op niveau 3 verworven.
In deze minor vervult de student de beroepsrol van materiedeskundige, adviseur en beslisser.

In deze minor wordt de student opgeleid tot beginnend constructeur of tot ontwerper van draagconstructies. Hij heeft na deze minor de voor deze beroepen benodigde wetenschappelijke ondergrond en de praktische rekenvaardigheid van een beginnend professional. Ook is hij in staat de berekende constructies naar tekeningen te vertalen en volgens de huidige normen weer te geven.

Om de theorie te behandelen wordt per periode een betoncursus en een staalcursus gegeven met bijbehorende opdrachten.
In de staalcursussen worden o.a. behandeld; statisch onbepaalde constructies, geschoorde en ongeschoorde raamwerken, stabiliteit van liggers en kolommen( knik, kip, plooi en torsie ), samengestelde profielen en detail berekeningen.
In de betoncursussen worden o.a. behandeld: buigstijfheid (M-K en M-N-K diagrammen), niet lineair elastische berekeningen, tweede orde berekening ongeschoorde raamwerken(kernen), elastisch ondersteunde liggers, puntvormig ondersteunde platen, voorgespannen betonconstructies, schijfwerking van vloeren, trek en drukwapening en wringing.

De praktische rekenvaardigheid wordt geoefend in de bijbehorende opdrachten van de genoemde 4 cursussen en in de hoofdopdracht. In de hoofdopdracht wordt een compleet gebouw met meerdere verdiepingen en een kelder of een civiel kunstwerk ontworpen en gedimensioneerd (ontwerp - gewichtberekening) en daarna getoetst aan de grenstoestanden (controleberekening). De student wordt bekwaamd in het handmatig berekenen van constructies ,maar werkt vooral zoveel mogelijk met geavanceerde rekenprogramma's waarmee zowel lineaire als niet lineaire berekeningen kunnen worden gemaakt.

Om de competentie directievoeren te verkrijgen gaat de student via een ingenieursbureau een fysieke wapeningcontrole uitvoeren op een bouwlocatie in Leeuwarden. Van de wapeningcontrole moet een opnameverslag en een schriftelijke rapportage voor de opdrachtgever worden gemaakt.

Aanvullende informatie

In de hoorcolleges wordt de theorie behandeld. De werkcolleges zijn voor de begeleiding van de bijbehorende opdrachten. Tijdens de werkcolleges worden enkele voorbeelden uitgewerkt en wordt er feedback gegeven op de onderhanden zijnde opdracht van de studenten en vindt controle hiervan op hoofdlijnen plaats.

Deze keuzeminor berust voor een deel op zelfstudie en zelfwerkzaamheid. De student bevindt zich namelijk in de laatste fase van de opleiding waarin steeds meer initiatief van de student wordt verwacht en de docent een meer begeleidende en coachende rol krijgt.

Ingangseisen

Propedeuse en 2e studiejaar Bouwkunde of Civiele Techniek behaald.
Dmv een intakegesprek wordt toelating bepaald.

Toetsing

Voor de vakken worden praktijkopdrachten uitgevoerd. Voor de hoofdopdracht worden aan het eind van elke periode mondelinge assessments uitgevoerd.

Literatuur

Betonconstructies:
Constructieleer Gewapend Beton (2), Vis en Sagel 
Ontwerpen in Gewapend Beton (4) Vis en Sagel
CB3 Constructieleer Voorgespannen Beton
Reader met speciale onderwerpen
Reader met deel van de voorschriften(eurocode)

Staalconstructies:
Basisboek Toegepaste Mechanica
Overspannend Staal A
Overspannend Staal B
Reader met speciale onderwerpen
Reader met deel van de voorschriften

Nb: de voorgeschreven boeken worden maar voor een deel gebruikt en je kunt de boeken ook in de mediatheek raadplegen.

De behandelde stof uit de hoor- en werkcolleges wordt aan de student ter beschikking gesteld via blackboard of als reader.

Aanbevolen literatuur:
Sterkteleer 1 toegepaste mechanica (ir.E.O.E.van Rotterdam)
Sterkteleer 2 toegepaste mechanica (ir.E.O.E.van Rotterdam)

Rooster

Het semester bestaat uit 2 perioden. In elke periode vinden op dinsdag 4 contacturen plaats voor respectievelijk de hoorcolleges Beton 1, Staal 1 in de eerste periode en Beton 2 en Staal 2 in de tweede periode. Op donderdag zijn voor deze vakken steeds werkcolleges van 1 uur per vak.

Gedurende beide perioden wordt gewerkt aan de constructie hoofdopdracht. De begeleiding van deze hoofdopdracht vindt plaats op de donderdag in werkcolleges (totaal 14) van 2 uur.