Kies op maat

Login Menu

Paard en Management

Paard en Management maakt studenten wegwijs in het werkveld van de paardensector.

Hierdoor kunnen zij bijdragen aan een gezond en stressloos (sport-)paard in Nederland en daarbuiten.

Thema’s die hierbij aan de orde komen zijn:

·         gezondheid en gedrag bij paarden en

·         management van hippische bedrijven en evenementen

Leerdoelen

  • Studenten ontwikkelen voor de meest voorkomende aandoeningen en ziekten bij paarden een presentatie en zorgplan waarbij aandacht is voor een juiste anamnese, therapie, revalidatie en nazorg. Een op de situatie onderbouwd dieet is daar onderdeel van.
  • Studenten vertalen wetenschappelijke resultaten in praktijkadviezen voor paardenhouders ter verbetering van het welzijn van paarden.
  • Studenten voeren onderzoek uit met als uitgangspunt dat de resultaten nieuwe inzichten oplevert voor het verbeteren van het managen van paarden.
  • Studenten bepalen inhoud en sprekers van een door hen zelf georganiseerd congres of symposium voor eigenaren van paarden.

 

  • Student is in staat om trends vast te stellen die de aanzet zijn voor professioneel advies ter verbetering van het hippische bedrijf, zowel extern als intern.
  • Dit advies wordt vastgelegd in een bedrijfsplan waarbij aandachtspunten zijn: realistisch verdienmodel, passende marketing(communicatie), aandacht voor mens, dier en duurzaamheid.
  • Student is in staat om trends vast te stellen die de aanzet zijn voor een format voor een aantrekkelijk hippisch evenement voor een breed publiek.
  • Student is in staat om trends vast te stellen die input zijn voor een geslaagd congres/symposium voor een (semi-)professioneel publiek.

Ingangseisen

Een student die een minor van de opleiding Diermanagement wenst te volgen dient daarvoor over relevante voorkennis te beschikken, te weten die opgedaan in jaar 1 en 2 van de opleiding Diermanagement , of in een gelijksoortige opleiding, of verkregen door ervaring, zulks ter beoordeling van de coördinator van de betreffende minor. De coördinator geeft advies aan de opleidingsdirecteur. De opleidingsdirecteur besluit uiteindelijk of de student toelaatbaar is of niet.

De aanvullende eisen zijn verder dat de student een ‘verwante studie’ volgt, in het bezit is van een propedeuse en minimaal 3e jaars student is.

De procedure schrijft voor dat de student een toelatingsgesprek voert met de betreffende minorcoördinator, als voorbereiding op dit gesprek dient de student een motivatiebrief te schrijven, onderbouwd met een curriculum vitae.

Toetsing

Bedrijfsplan met bijbehorende presentatie, hippisch evenement met bijbehorend reflectieverslag.

Zorgplan, managementadvies, onderzoeksvoorstel , tentamen.

Literatuur

niet nader bekend

Rooster

Wordt (kort) voor aanvang van de minor bekend gemaakt