Kies op maat

Inloggen Menu

Geologie rondom plaattektoniek: ruimtelijke processen in de ondergrond

Inhoud

Nooit eerder gebruikte de mens de ondergrond zo intensief als nu: denk aan de winning van aardgas, schaliegas, zout en aardwarmte. Het recente handelen van de mens kan leiden tot veranderingen in die ondergrond, getuige bijvoorbeeld de aardbevingen in Groningen. Bij het bestuderen van deze veranderingen op lokale en op wereldwijde schaal ('Global Change') is kennis nodig van de natuurlijke dynamiek van het systeem aarde. Je krijgt inzicht in deze dynamiek, toegespitst op de bewegingen van de platen in de aardkorst en geologie als wetenschap. Daarbij zijn ruimte en tijd essentieel, waarbij het begrip tijd een aparte, vierde dimensie aan de natuurwetenschappen toevoegt. De nadruk ligt op de ruimtelijke processen die samenhangen met de interne warmteproductie van de aarde (endogene processen). Je verdiept je in het ondergrondse milieu van Nederland en België.

 

De plaattektoniek, de bewegingen van de platen in de aardkorst, wordt aangedreven door interne warmte van de aarde. De interne warmte veroorzaakt bewegingen van gesteenten en mineralen in en onder de aardkorst en is de gangmaker achter vulkanisme, aardbevingen en gebergtevorming. De externe warmte (van de zon) is vooral van invloed op de atmosfeer, hydrosfeer en biosfeer, en is daarmee bepalend voor de klimaten, de waterkringloop, erosie, transport van de erosieproducten, sedimentatie en de productie en verspreiding van organisch materiaal.

Je maakt kennis met de processen in ruimte en tijd die geleid hebben tot de vorming van het ondergrondse milieu van Nederland. Dit geeft inzicht in het ontstaan van olie-, gas-, steenkool- en zoutvoorraden, maar ook in de risico's van breuken, aardbevingen en winning van schaliegas.

In de cursus verwijzen we regelmatig naar de Ardennen, omdat hier de gesteenten aan de oppervlakte komen die in de diepe ondergrond van Nederland voorkomen.

De exogene processen op aarde, zoals de hydrologische kringloop en de klimaatdynamica, komen aan de orde in de postpropedeuse-cursussen NB1902 Bodem en water en NB1302 Systeem aarde: kennis van klimaat.

De cursus sluit aan op de actualiteit via posterpresentaties over het ruimtelijk gebruik van de ondergrond. Hierdoor leer je de geologische kennis van de ondergrond toe te passen op (komend) beleid bij activiteiten in de ondergrond. De belangen rond het gebruik van de ondergrond komen in Nederland op nationaal niveau bijeen in de Structuurvisie Ondergrond. De ondergrond is belangrijk voor winning van drinkwater en energie zoals gas, CO2-opslag en aardwarmte (geothermie). Hoe het gebruik van de ondergrond op een veilige, duurzame en efficiënte manier kan worden ingevuld, bespreek je met studenten en je docent tijdens de postersessies.

De cursus is als volgt opgebouwd. Eerst bestudeer je de aarde als groot systeem, vanuit verschillende natuurwetenschappen. Steeds speelt hierin de derde dimensie - ruimte - een belangrijke rol: waar en waarom daar, met welk effect? De nadruk ligt op de dynamische geologische processen die samenhangen met plaattektoniek. Hierover word je getoetst via een tentamen van meerkeuze- en open vagen. Vervolgens bestudeer je de vierde dimensie tijd, en analyseer je als posteropdracht een aspect van de geologische processen van Noordwest-Europa via fenomenen uit de Ardennen en de impact die het handelen van de mens heeft op de ondergrond.

In deze propedeusecursus van de academische bacheloropleiding Milieu-natuurwetenschappen zal daarom steeds de link gelegd worden tussen de ruimtelijke processen in de ondergrond, de geologische opbouw en de impact van menselijke activiteiten op die ondergrond.

 

Leerdoelen

Na het bestuderen van de cursus kun je, met ondersteuning, bijdragen aan:

- het in kaart brengen van een milieuwetenschappelijk probleem met de ondergrond, en dit probleem nader definiëren (diagnosecompetentie);

- het onderzoek van een milieuprobleem met de ondergrond vanuit een aardwetenschappelijke invalshoek en de rapportage daarover aan het milieuwerkveld (onderzoekscompetentie).

Dat betekent dat je na voldoende afronding:

- de ruimtelijke processen, met name de geologische processen, in en onder de aardkorst in een bepaalde regio van Noordwest-Europa kunt verklaren;

- inzicht hebt in de natuurwetenschappelijke aspecten van het gebruik van de ondergrond en gerelateerde milieuproblemen;

- een aspect van het gebruik van de ondergrond en gerelateerde milieuproblemen in eigen bewoordingen mondeling en visueel kunt rapporteren aan medestudenten (posterpresentatie), en daarover een discussie kunt voeren ter kritische oordeelvorming;

- de kennis en vaardigheden hebt om een eenvoudige rapportage uit te voeren volgens de eisen van wetenschappelijk rapporteren.

Ingangseisen

Propedeuse behaald.

Voorkennis

Voor deze propedeusecursus is enige voorkennis van wiskunde, scheikunde en natuurkunde op vwo-niveau noodzakelijk om de cursus binnen de gegeven studietijd met een voldoende te kunnen afronden.

Wiskundevoorkennis kun je toetsen met de diagnostische toets (https://www.ou.nl/web/open-universiteit/science-voorkennis-wiskunde) van de bachelorcursus ‘Wiskunde voor milieuwetenschappen’ (NB0302) en eventueel opfrissen met de bijgeleverde basiskennis.

Voorkennis van natuur- en scheikunde kun je toetsen door enkele opgaven te maken op de website (http://www.natuurkunde.nl). De volgende twee opgaven geven een beeld van het soort berekeningen dat in de cursus verwacht wordt:

- In de cursus maken we uitgebreid kennis met basaltgesteente. In deze opgave (https://www.natuurkunde.nl/opdrachten/3563/basalt-voor-warmteopslag-exaktueel) bekijk je hoe basalt kan worden gebruikt voor warmteopslag.

- Een belangrijk onderwerp binnen de cursus is de plaattektoniek die wordt aangedreven door interne warmte van de aarde. In deze opgave (https://www.natuurkunde.nl/opdrachten/3585/aardwarmte-havo12-2002) maak je kort kennis met deze aardwarmte.

Literatuur

Cursusmateriaal

Digitale leeromgeving: instructie met zelftoetsing per weektaak, met de leerkernen online en eveneens op papier in een cursusmap.

Tevens horen bij het materiaal:

  1. de geologische tijdstabel;
  2. de Carte Géologique de la France waarop ook aangrenzende gebieden zoals de Ardennen staan;
  3. de kaart World Ocean Floor;
  4. de poster Minerals of the World;
  5. de kaart Geologische dwarsdoorsneden van Nederland en het continentaal plat.

 

Mediagebruik

De cursussite in de digitale leeromgeving biedt je een structuur van studietaken en van daaruit toegang tot een groot deel van het cursusmateriaal en toelichtende video- en audiofragmenten.

Rooster

Het is een vaste cursus, start in februari 2022. Aanmelden voor 1 februari. 

De begeleidingsperiode loopt van februari tot eind juni. 

Toetsing

Tentamenvorm

Digitaal gelijktijdig tentamen met meerkeuzevragen en open vragen en een opdracht.

Tentamentoelichting

Het tentamen vindt plaats in de tentamenweek (juli; november; februari). Je dient zelf tijdig aan te melden voor een tentamen.

Voor de opdracht geldt: posterpresentaties vinden plaats tijdens de ingeroosterde online postersessies. Je dient minimaal 2 weken vooraf aan te melden via de cursussite. Ga voor de data van de bijeenkomsten naar het tabblad ‘Begeleiding’.

Aanvullende informatie

Digitale leeromgeving

Je start iedere cursus op de cursussite in de digitale leeromgeving (www.ou.nl/mijnOU). Je vindt daar de structuur van de cursus, de studietaken en een groot deel van het cursusmateriaal. Ook vind je daar voorbeeldtentamens, de opgenomen werkcolleges (indien beschikbaar) en de communicatie met de docent en medestudenten via het forum met vragen en antwoorden.

Voor verdere info