Het jonge kind (30 EC)
Inhoud van de minor
Je doet onderzoek in de praktijk van de basisschool. Je volgt en je observeert twee kinderen en op basis van je analyse schrijf je voor hen een ontwikkelverhaal. Daarbij houd je rekening met de variabiliteit van de normale ontwikkeling. Je ontwerpt vanuit een sociaal-culturele praktijk (thema uit de leef- en belevingswereld van jonge kinderen) een spelverhaal. Randvoorwaarden voor je ontwerp zijn een krachtige speel- leeromgeving en ontwikkelingsgerichte doelen. Je voert je ontwerp uit in de praktijk en tegelijkertijd onderzoek je het effect. Het doel is altijd om de brede ontwikkeling van het jonge kind te ondersteunen en te stimuleren.
In deze minor doe je kennis op van de pedagogiek, ontwikkelingspsychologie en algemene didactiek van het jonge kind. Je krijgt inzicht in de holistische ontwikkeling en concrete denkstrategieën van het jonge kind. Daarnaast komen de sociaal-emotionele ontwikkeling, taalontwikkeling en reken-wiskundige oriëntatie aan bod. Executieve functies, spel en spelbegeleiding zijn andere onderwerpen die aandacht krijgen. Met de studiereis naar Vives hogeschool in Brugge wordt kennis gemaakt met het onderwijsaanbod van onze zuiderburen. Je onderzoekt aldaar het “rijke milieu” in de Vlaamse kleuterschool.
Deze minor wordt aangeboden door de opleiding tot leraar basisonderwijs.
Leerdoelen
In 12 bijeenkomsten word je meegenomen in het onderwijs aan en de ontwikkeling van het jonge kind. Je besteedt wekelijks 40 uur aan de minor. Je loopt minimaal een dag in de week stage. In de stageschool voer je opdrachten uit en je doet er praktijkonderzoek. Na de herfstvakantie is er een stageweek. Je werkt aan je bekwaamheidsontwikkeling in je portfolio. Je observeert kinderen, legt de verkregen gegevens vast en legt daarmee de basis voor het pedagogisch handelen in een groep. Je kunt kinderen begeleiden, je leert een aanbod vanuit een sociaal-culturele praktijk (thematiseren) te ontwerpen. Je verantwoordt je richting het kind, de ouders, jezelf en collega’s. Je verdiept je in de manier waarop de leerkracht van groep 1 t/m 4 het onderwijsaanbod organiseert, zodat je zorg kunt dragen voor de doorgaande lijn in de ontwikkeling van het jonge kind.
Je werkt aan het schrijven van een portfolio, een groeimap en een domeinmap. In je portfolio houd je een logboek bij met je reflecties en evaluaties van de bijeenkomsten en van de praktijk. Je beschrijft de betekenisvolle activiteiten die je uitvoert met twee kinderen vanuit hun specifieke onderwijsbehoeften. Je presenteert deze groeimap op je stageschool. Je werkt in een leerteam binnen een gekozen domein, waarin je aan de hand van de onderzoekscyclus een thematisch onderwijsarrangement ontwerpt op basis van passende didactiek. In een bijeenkomst presenteer je samen met medestudenten de tussentijdse resultaten. De studentengroep organiseert een afsluitende markt waar van elk thematisch onderwijsarrangement het eindresultaat gepresenteerd wordt.
Ingangseisen
Voor deze minor heb je al basiskennis van en ervaring met het onderwijs in de onderbouw. Je verdiept je op een veelzijdige manier in de leef en belevingswereld van het jonge kind. Alle ontwikkelingsgebieden komen aan de orde in deze minor. Je kunt jezelf zien als een specifiek geschoolde professional met kennis van pedagogisch handelen, bekend met de zone van de naaste ontwikkeling, werken met een krachtige speelleeromgeving, observaties enz. De hele week vul je met de inhoud van deze minor d.m.v. studie, onderzoek in de klas, colleges, overleg met medestudenten en excursie.
Volg je een opleiding in een andere richting dan educatie, leg je in deze minor een basis wat betreft kennis van de ontwikkeling van het jonge kind. Daarnaast doe je ervaring op in het observeren van en omgaan met jonge kinderen in de praktijk.
Toetsing
- De Groeimap wordt beoordeeld met een O/V/G/U en het Portfolio met een behaald/niet behaald.
- De Domeinmap wordt beoordeeld met een O/V/G/U en de afsluitende markt met een behaald/niet behaald.
Ontvankelijkheidseisen:
- Het bijwonen van de bijeenkomsten is verplicht.
- Je bent minstens 1 dag in de week op je stageschool voor je onderzoek.
- Je neemt deel aan de studiereis naar Brugge.
- De week na de herfstvakantie is een stageweek.
- Je houdt een logboek bij in een portfolio dat inzichtelijk is voor je begeleider.
- De groeimap presenteer je op je stageschool.
- De groep studenten organiseert een afsluitende markt.