Kies op maat

Inloggen Menu

Impact van Sport: het creëren van waarde in de wijk door middel van sport

Studenten leren sport (en bewegen) activiteiten te ontwikkelen en in te zetten als middel om complexe maatschappelijke vraagstukken in wijken/steden op te lossen. Zij leren de theorie die hiervoor nodig is maar gaan dit ook in de praktijk uitvoeren in living labs die zich bevinden in de wijk Zuidwest in Den Haag. Studenten doen dit met, voor en door bewoners in co-creatie.

Het Living lab heeft als missie het bevorderen van een vitale, veerkrachtige en inclusieve samenleving via het versterken van organisaties en professionals in de sport. Binnen het livinglab werken we in co-creatie samen met de gemeente, buurtsportcoaches, verenigingen, organisaties in de wijk en bewoners. Samen proberen we doormiddel van sport een impact te creëren in de wijk. In de minor gaan studenten in deze samenwerking ervaren hoe sport voor door en met bewoners impact kan creëren in wijken met complexe maatschappelijke problemen. 

In deze minor gaan we aan de slag met sport als middel bij het aanpakken van complexe maatschappelijke vraagstukken. Dit doen we in 2 delen van ieder 15 ECT. De volgende onderwerpen komen aan bod. 

  1. De maatschappelijke betekenis van sport: wat is bekend over de rol, waarde en impact van sport op maatschappelijke vraagstukken als gezondheid, inclusie en veiligheid? 
  2. Organisatie van sport en samenwerking met andere organisaties: wat is bekend over de manier waarop sport wordt georganiseerd en over de rol die sport kan spelen in publiek-private partnerschappen? 
  3. Grootstedelijke vraagstukken: welke vraagstukken spelen momenteel in grote steden en welke oplossingen worden daarvoor gezocht en met wie? 
  4. Living Labs - methodiek & technieken: bekend raken met de wensen en behoeften van bewoners, hierop aansluitend een sportactiviteit organiseren in co-creatie met alle partners en bewoners, evalueren wat voor impact je activiteit heeft gehad.  

In deel 2 van de minor gaan we deze theorie in de praktijk brengen. We gaan aan de slag met opdrachten en vraagstukken in Den Haag Zuidwest (Living Lab tref Morgenstond).

Leerdoelen

De kerncompetenties van de Sportkundige zijn: 

  1. Onderzoeken en ontwikkelen – De Sportkundige onderzoekt en ontwikkelt het sport- en beweegaanbod. 
  2. Coördineren, positioneren en begeleiden - De Sportkundige coördineert, positioneert en begeleidt projecten en programma’s ter bevordering van sport en bewegen. 
  3. Leiding geven/managen en organiseren - De Sportkundige managet en organiseert de werk- en/of bedrijfsprocessen van een sport- en beweegorganisatie en is daarin ondernemend. 
  4. Evalueren en adviseren - De Sportkundige ontwikkelt, evalueert en adviseert over strategie en beleid omtrent sport en bewegen. 

Deze 4 kerncompetenties komen allen aan bod in deze minor. Denk bij kerncompetentie 1 bijvoorbeeld aan vraagarticulatie (wat speelt er in de wijk?), co-creatie via design thinking. Aan kerncompetentie 2 gaan we werken in het uitvoerende tweede deel van de minor. Maar ook zal een deel van de lessen van deel 1 plaatsvinden in de living labs. Zodat de studenten kunnen zien hoe projecten en programma’s in de praktijk gecoördineerd, gepositioneerd en begeleid worden. Van kerncompetentie 3 leert de student met het handelingscriterium: Werkt samen met professionals en vrijwilligers, zoals bestuurders, deelnemers, trainers, (para)medici, vrijwilligers en beleidsmakers om doelen te behalen. De complexe maatschappelijke vraagstukken vragen per definitie om een multidisciplinaire aanpak. Uniek in deze minor en de living labs is dat we dit doen in samenwerking met eindgebruikers (in dit geval de burgers/inwoners van de wijk). We maken dus gebruik van de zogenaamde quadruple helix. Kerncompetentie 4 komt ook stevig aan bod. In deel 1 van de minor zit dit in de methoden en technieken die centraal staan in een living lab. In deel 2 zullen we studenten vragen aan te tonen welke maatschappelijke impact zij (verwachten te) realiseren. We meten dus de impact van sport.een  

Meer algemeen en niet gekoppeld aan Sportkunde werken de studenten aan de volgende competenties:  

  • Samenwerken / communiceren 
  • Omgaan met diversiteit (in de opleiding en in de samenleving) 
  • Draagvlak creëren, betrekken van eindgebruikers 
  • Netwerken  
  • Goed leren interviewen en deze kunnen analyseren 

Ingangseisen

Minimaal propedeuse afgerond en studenten moeten in het derde of vierde studiejaar zitten. We willen dat studenten kennis en vaardigheden die zij opdoen in de eerste jaren van hun opleiding in de praktijk brengen in de complexe maatschappelijke context. Het is dus een verdieping op het bestaande curriculum van met name de opleiding Sportkunde. 

Studenten mogen alleen aan deel 2 van de minor deelnemen als zij ook deel hebben genomen aan deel 1.

Literatuur

De maatschappelijke betekenis en de organisatie van sport: 

Baart de la Faille-Deutekom, M. (2016). Kracht van sport. Lectorale rede. Amsterdam: Hogeschool van Amsterdam/Hogeschool Inholland.  

Coalter, F. (2007). A wider social role for sport. Who’s keeping the score?  

Eekeren, F. van (2016), De Waardenvolle Club. Nieuwegein: Arko Sports Media  

KPMG, brancherapport Sport (2019) 

Grootstedelijke vraagstukken: 

Helleman, G. Majoor, S., Smit, V. & Walraven, G (red.) (2019). Plekken van hoop en verandering; samenwerkingsverbanden die lokaal verschil maken. Utrecht: Academische Uitgeverij Eburon. ISBN 978-94-6301-251-5. 

Living Labs: 

Literatuur o.a. via https://enoll.org  

Dekker,R. Contreras, J.F. & Meijer, A. (2019) The Living Lab as a Methodology for Public Administration Research: a Systematic Literature Review of its Applications in the Social Sciences, International Journal of Public Administration, DOI: 10.1080/01900692.2019.1668410 

Ouden, E. den, Valkenburg R. & Blok, S. (2016). Exploring the future of Living Labs - Research report. Eindhoven: TU/e Innovation Lab. ISBN 978-90-386-4041-9 

Werkvormen: 

o.a. Design Thinking 

Rooster

Periode van uitvoering: Lintminor semester 1 (blok 1 en 2)

Deel 1: 15 ECT maal 28 uur = 420 uur 

In deel 1 van de minor krijgen de studenten (werk)colleges in de verschillende living lab(s). Per week komen de studenten 2 hele dagen naar de livings labs. De overige 24 uur is zelfstudie. Dit is o.a. voorbereiding op de bijeenkomsten. De minordag bestaat veelal uit een hoorcollege van 2 uur, 4 uur werken in ‘learning communities’ en 2 uur nabespreken/presenteren van de uitkomsten van de learning communities.   

(Learning community: de learning community is een werkvorm waarin de deelnemers door middel van gestructureerde sessies samen leren over het thema van die week. Hierin wordt een koppeling gemaakt tussen de theorie en praktijkvoorbeelden.) 

Deel 2: 15 ECT maal 28 uur = 420 uur 

Werken de studenten aan hun praktijkopdracht (activiteit) vanuit de living labs, met elke week gezamenlijke voortgangsbijeenkomsten waarin de voortgang van alle projecten en de overige groepen worden gepresenteerd. De overige uren zijn ter voorbereiding van presentaties en peer-evaluaties.

Toetsing

Het eerste en tweede deel van de minor wordt afzonderlijk afgesloten met een portfolio (respectievelijk 50% van het eindcijfer). De student heeft de minor voldoende afgerond als de student een cijfer van of hoger dan een 5.5 behaald. De uiterste inleverdatum is eind week 10 van het blok. De herkansing vindt plaats in de 10e week van het volgende blok. Dit geldt zowel voor het eerste deel als het tweede deel van de minor. Het portfolio geeft de concrete bevindingen en opbrengsten weer van de opdracht die zij hebben uitgevoerd in het living lab, waarbij zij laten zien gebruik te hebben gemaakt van de theorie en waarbij zij reflecteren op de einddoelen van de minor en hun eigen competenties.

Aanvullende informatie

Heb je vragen over deze minor? Schroom dan niet om contact op te nemen met de docent(en).

Ben je een student aan De Haagse Hogeschool? Dan kun je je inschrijven via Osiris.

Benieuwd naar alle Kies op Maat (KOM) minoren van De Haagse Hogeschool? Je vindt een overzicht in de KOM Minorkrant (brochure) van De Haagse Hogeschool.