Toekomstbestendige Stad
Steden zijn plekken waar langetermijnontwikkelingen samenkomen. Veranderingen in technologie, economie, mobiliteit, ecologie en leefstijlen beïnvloeden hoe steden zich in de toekomst kunnen ontwikkelen. In de minor Toekomstbestendige Stad (ondertitel: Designing Future Cities) onderzoek je hoe deze ontwikkelingen samenhangen en hoe je, ondanks onzekerheid, richting kunt geven aan toekomstbestendige stedelijke keuzes, met aandacht voor zowel de ruimtelijke als maatschappelijke dimensie van de stad.
Tijdens de minor benader je de stad als een complex systeem, waarin ruimtelijke, sociale, economische en ecologische processen met elkaar samenhangen. Je leert analyseren hoe steden functioneren en hoe keuzes uit het verleden doorwerken in huidige en toekomstige ontwikkelingen. Daarbij is er expliciet aandacht voor het feit dat stedelijke interventies vaak onbedoelde effecten hebben en dat niet alle aspecten van de stad volledig maakbaar zijn.
De minor is opgebouwd rond praktijkgerichte challenges en ontwerpsprints, waarin je samen met andere studenten werkt aan toekomstgerichte stedelijke vraagstukken. Deze vraagstukken worden regelmatig ingebracht door externe partijen, zoals gemeenten, maatschappelijke organisaties en lectoraten. Theorie, onderzoek en ontwerp komen hierin samen, waarbij je leert schakelen tussen analyse, verbeelding en concrete uitwerking.
Een belangrijk onderdeel van de minor is het werken met toekomstscenario’s en alternatieve toekomstbeelden. Je leert niet alleen bestaande trends en ontwikkelingen te analyseren, maar ook verschillende mogelijke toekomsten te verkennen. Scenario-denken wordt ingezet om aannames te bevragen, onzekerheden expliciet te maken en ontwerpkeuzes beter te onderbouwen, zonder te streven naar één vast toekomstbeeld.
Binnen de challenges en sprints maak je gebruik van onderzoekend ontwerpen. Ontwerpen wordt hierbij ingezet als middel om vragen te stellen, mogelijkheden te verkennen en hypotheses over toekomstige stedelijke ontwikkelingen te testen. Door te schetsen, modelleren en prototypen ontwikkel je inzicht in hoe stedelijke systemen kunnen veranderen en welke interventies kansrijk zijn onder verschillende omstandigheden.
Naast het projectmatige werk is er kennisinput van binnen en buiten de opleiding. Docenten, lectoren en gastsprekers verzorgen colleges en verdiepende sessies waarin actuele theorie, onderzoek en praktijkervaring worden gedeeld. Deze kennis vormt de inhoudelijke basis voor de challenges en helpt je om je ontwerp- en onderzoekskeuzes beter te onderbouwen.
De minor stimuleert samenwerking in multidisciplinaire teams, waarin verschillende perspectieven samenkomen. Je ontwikkelt niet alleen inhoudelijke kennis en ontwerpvaardigheden, maar ook vaardigheden op het gebied van communicatie, reflectie en samenwerking. Er is aandacht voor jouw rol als toekomstige professional: hoe positioneer je jezelf in complexe vraagstukken en hoe neem je anderen mee in een onzekere en veranderende context?
Na afronding van de minor Toekomstbestendige Stad (ondertitel: Designing Future Cities) heb je ervaring opgedaan met het werken aan complexe stedelijke opgaven, het inzetten van toekomstdenken en het toepassen van onderzoekend ontwerpen. Je beschikt over een bredere blik op stedelijke ontwikkeling en bent beter voorbereid om bij te dragen aan toekomstbestendige oplossingen binnen de gebouwde omgeving.
Leerdoelen
Wil jij werken aan echte stedelijke opgaven en leren omgaan met onzekerheid, verandering en complexiteit? In deze minor ontwikkel je de vaardigheden en houding die daarbij horen, aan de hand van de volgende competenties:
Verbeelden en inspireren
Je bent in staat een toekomstbeeld te schetsen dat verder gaat dan het oplossen van een direct praktisch probleem. Je gebruikt verbeeldingskracht om nieuwe richtingen en mogelijkheden zichtbaar te maken en weet anderen daarin mee te nemen.
In een tijd waarin stedelijke systemen onder druk staan, is een overtuigend toekomstverhaal nodig om beweging te creëren. Je leert niet alleen ideeën te ontwikkelen, maar ook draagvlak te creëren voor alternatieven die vandaag nog niet vanzelfsprekend zijn.
Onderzoekend ontwerpen
Je gebruikt ontwerpen als manier van onderzoeken. Door te tekenen, testen, maken en itereren verken je complexe vraagstukken. Het denken gebeurt tijdens het doen: elke schets, maquette of proefopstelling levert nieuwe inzichten op.
Stedelijke vraagstukken zijn complex en onzeker. Door onderzoekend te ontwerpen leer je scenario’s verkennen, aannames toetsen en oplossingen ontwikkelen die onderbouwd en toekomstbestendig zijn. Deze manier van werken past bij echte stedelijke opgaven en samenwerking met opdrachtgevers.
Persoonlijk en systeemgericht leiderschap
Je ontwikkelt inzicht in je eigen rol, overtuigingen en handelen, in combinatie met begrip van de grotere systemen waarin je opereert. Je leert verantwoordelijkheid te nemen, afwegingen te maken en richting te geven in situaties waarin geen eenduidige oplossing bestaat.
Verandering in steden vraagt niet alleen om technische kennis, maar ook om professionals die kunnen handelen in onzekerheid, belangen kunnen verbinden en keuzes kunnen onderbouwen. Je ontwikkelt een houding waarmee je binnen complexe stedelijke systemen verschil kunt maken.
Ingangseisen
Toelatingseisen conform OER eigen opleiding.
Literatuur
Voor deze minor wordt gewerkt met een beknopte reader, aangevuld met presentaties en aanvullend materiaal die via Brightspace beschikbaar worden gesteld. In de reader vind je de belangrijkste teksten en achtergronden die nodig zijn om de thema’s en challenges goed te begrijpen.
Daarnaast worden er gedurende de minor verwijzingen naar relevante literatuur, artikelen, casussen en andere bronnen gedeeld. Deze dienen ter verdieping en ondersteuning van je werk, afhankelijk van de challenge en je eigen leerdoelen.
Rooster
De minor heeft een vast weekrooster. De specifieke dagen en tijden waarop de kennishubs, ontwikkelhubs en ontwerpstudio’s plaatsvinden, worden ongeveer drie weken vóór de start van de minor bekendgemaakt.
De kennishubs, ontwikkelhubs en ontwerpstudio’s vinden elk plaats op één vast dagdeel per week. Dat betekent dat je in principe drie dagdelen per week onderwijs op de hogeschool volgt.
De eerste twee weken van de minor zijn intensiever. In deze opstartfase moet je rekening houden met vier tot vijf lesmomenten per week, waarin de basis wordt gelegd voor de werkwijze, de samenwerking en de eerste challenges.
Naast de lesmomenten wordt van je verwacht dat je zelfstandig en in teamverband werkt aan de challenges. Dit bestaat uit onderzoek, ontwerpwerk, het verwerken van feedback en het uitwerken van beroepsproducten. Gemiddeld komt dit neer op een studielast van circa 40 uur per week, inclusief onderwijscontacttijd.
Daarnaast zijn er gedurende de minor consultmomenten, waarin je gericht een expert kunt raadplegen over het thema of de vraag waaraan je werkt.
Onderwijscontacttijd kan worden geroosterd op alle werkdagen tussen 8.30 en 18.40 uur.
Contacttijd:
Ga uit van een studielast van gemiddeld 40 uur per week. Deze tijd bestaat uit onderwijscontacttijd, werken aan challenges en zelfstudie, zowel individueel als in teamverband.
Opstartfase (week 1 en 2) - De eerste twee weken zijn intensiever. In deze periode word je ondergedompeld in het thema van de minor en maak je kennis met de werkwijze, de kernbegrippen en de manier van samenwerken. Je volgt meerdere lesmomenten, workshops en instructies en start met de eerste verkenningen. In deze fase wordt een hoge mate van aanwezigheid en inzet verwacht.
Challengefase (vier challenges van drie weken) - Na de opstartfase werk je aan vier opeenvolgende challenges, elk met een looptijd van drie weken. In iedere challenge werk je aan een concrete vraag van een opdrachtgever.
Tijdens deze fase ben je in principe drie dagdelen per week op de Hogeschool aanwezig voor kennishubs, ontwikkelhubs en ontwerpstudio’s. De overige tijd besteed je aan zelfstudie en teamwerk buiten de lesmomenten, zoals onderzoek, ontwerp, uitwerking van beroepsproducten en het verwerken van feedback.
Breekweken - Tussen de challenges zijn er breekweken. In deze weken presenteer je de resultaten van de afgeronde challenge aan de opdrachtgever. Daarnaast vinden vaak excursies plaats en maak je kennis met de nieuwe opdrachtgever en de volgende opgave. De breekweken vormen een overgang tussen twee challenges en bieden ruimte voor reflectie en oriëntatie.
Consultmomenten - Naast de reguliere lesmomenten zijn er consultmomenten. Hierin kun je, samen met je team, een afspraak maken met experts, zoals lectoren, docenten of opdrachtgevers. Deze consults zijn bedoeld voor verdieping en advies en plan je zelf, afhankelijk van de vragen die binnen jouw challenge spelen.
Afrondingsfase (laatste 2 weken) - De minor wordt afgerond in een periode van twee weken, waarin de schouw plaatsvindt. In deze fase werk je toe naar de eindpresentatie en bereid je je voor op het moment waarop je jezelf en je werk presenteert als toekomstgerichte professional. Aanwezigheid bij deze afsluitende momenten is verplicht.
Toetsing
De minor heeft een omvang van 30 ECTS en bestaat uit een samenhangend programma van verschillende leeromgevingen waarin je kennis opdoet, vaardigheden ontwikkelt en deze direct toepast in ontwerp- en onderzoeksopgaven.
Studieonderdelen
-
Kennishubs
In de kennishubs krijg je gerichte input op de centrale thema’s van de minor. Je verdiept je in vraagstukken rond verdichting en transformatie, energietransitie, de rechtvaardige stad, sociale en fysieke leefomgevingen, werk en economie, en toekomstscenario’s. De kennishubs bieden je de inhoudelijke basis om stedelijke opgaven te begrijpen en onderbouwde keuzes te maken in je projecten. -
Ontwikkelhub
In de ontwikkelhub werk je aan jouw ontwikkeling als toekomstgerichte professional. Je verkent rollen van de toekomst, leert strategisch denken, belangen herkennen en afwegen, en oefent met het maken en verantwoorden van keuzes in complexe stedelijke situaties. Hier staat jouw professionele houding centraal: hoe positioneer je jezelf en hoe handel je in onzekere en veranderende contexten? -
Ontwerpstudio
In de ontwerpstudio werk je aan concrete ontwerp- en onderzoeksopgaven. Je krijgt verschillende ontwerp- en onderzoeksmethoden aangereikt waarmee je mogelijke toekomsten voor de stad verkent. Door onderzoekend te ontwerpen – tekenen, testen en itereren – vertaal je abstracte vraagstukken naar ruimtelijke en strategische voorstellen.
Daarnaast is er doorlopend ondersteuning op het gebied van samenwerken, plannen en organiseren, zodat je grip krijgt op zowel het ontwerpproces als je rol binnen het team.
Toetsing
De toetsing is grotendeels formatief. Tijdens de minor ontvang je binnen de verschillende challenges feedback op de beroepsproducten waaraan je werkt. Deze feedback gebruik je bewust in een volgende challenge, zodat je kunt laten zien hoe je leert, verbetert en keuzes aanscherpt op basis van eerdere inzichten.
Aan het einde van de minor vindt een schouw plaats. Tijdens deze afsluitende toets presenteer jij jezelf en je werk aan een fictieve toekomstige opdrachtgever. Je laat zien hoe je denkt, welke keuzes je hebt gemaakt, hoe je met onzekerheid bent omgegaan en wat jouw toegevoegde waarde is als toekomstgerichte professional binnen complexe stedelijke opgaven. De schouw toetst daarmee niet alleen het eindproduct, maar ook jouw professionele ontwikkeling en positionering.
Je kunt binnen het semester herkansen, dat wil zeggen, na de bekendmaking van de beoordeling heb je nog twee weken om aanvullende bewijzen aan te leveren voor de te toetsen competenties.
Aanvullende informatie
Kosten: Houd rekening met ongeveer €200–300 aan bijkomende kosten. Deze kosten hebben onder andere betrekking op excursies, het gebruik van digitale en AI-tools, en eventuele aanvullende activiteiten of materialen die binnen de minor worden ingezet.
Nog vragen over de minor?
Contact: Joram van Otterloo, j.van.otterloo@hva.nl
Erik de Graaf, e.de.graaf@hva.nl
Nog vragen over de Kies-Op-Maat procedure?
Contact: Monique Ax-Bervoets, Christian van Dokkum minoren-techniek@hva.nl
Er zijn 4 plaatsen voor KOM-studenten. De aanmeldperiode voor HvA-studenten is voorafgaand aan de aanmeldperiode voor niet HvA-studenten.
Aanmeldingen worden op volgorde van binnenkomst ondertekende leerovereenkomsten in behandeling genomen.