Kies op maat

Inloggen Menu

Docent NT2/Culturele diversiteit

Studeer je aan een lerarenopleiding en wil je naast je onderwijsbevoegdheid graag een certificaat docent NT2 halen, kies dan voor deze minor.

Zowel in het primair onderwijs, voortgezet onderwijs als in het beroepsonderwijs stromen leerlingen in die het Nederlands niet of in mindere mate machtig zijn. Daarnaast is Nederlands als tweede taal onderdeel van inburgeringstrajecten. Om tegemoet te komen aan de behoeften van leerlingen in deze verschillende vormen van onderwijs, zijn gespecialiseerde leraren nodig. In deze minor richten we ons dan ook op het lesgeven aan nieuwkomers in primair onderwijs, voortgezet onderwijs en beroepsonderwijs, waarbij we expliciet aandacht besteden aan culturele diversiteit. De minor wordt zowel in een reguliere als een e-learning-variant aangeboden door de samenwerkende lerarenopleidingen primair onderwijs, voortgezet onderwijs en de master Educational Needs. Studenten die deze minor met een voldoende beoordeling afronden, zijn gespecialiseerd in het onderwijs in nieuwkomers en ontvangen daarnaast het certificaat docent NT2. Daarmee is het mogelijk je bij de landelijke beroepsvereniging BVNT2 te registreren. De minor vormt een doorgaande lijn naar de master Expert NT2/Nieuwkomers en Culturele diversiteit die door de hogeschool Windesheim binnen de master Eductional Needs wordt aangeboden. Voor bachelor-studenten die meer willen worden uitgedaagd, is er de mogelijkheid om al een aantal studiepunten te behalen voor deze master-leerroute die zowel in een reguliere als een e-learning-variant wordt aangeboden op de Hogeschool Windesheim. Zo wordt doorstroom naar de Master gemakkelijker. De minor wordt uitgevoerd door docenten van de bachelor-lerarenopleiding en van de masteropleiding in samenwerking. 

De inhoud van deze minor is gebaseerd op eigentijdse internationale publicaties op het gebied van onderwijs aan nieuwkomers. Er is aandacht voor het leren van een tweede taal en voor culturele diversiteit. De minor bestaat uit drie stromen die parallel aan elkaar worden aangeboden. In de eerste stroom (A) volg je modules over Nederlands als tweede taal. Thema’s zijn taalverwerving, taalontwikkeling en meertaligheid, visie op NT2-onderwijs, een krachtige taalomgeving, taal- en toetsbeleid NT2, praten over interessante contexten, schrijven en spellen, leren lezen, luisteren en begrijpen. In de derde stroom (C) werk je als (stagiair) NT2-docent in een onderwijssituatie waarin nieuwkomers worden opgeleid. Daarbij kan het bijvoorbeeld gaan om ISK’s primair onderwijs, ISK’s secundair onderwijs, taalklassen in het beroepsonderwijs,  inburgeringsonderwijs en participatietrajecten. Je voert diverse opdrachten uit. De tweede stroom (B) vormt een brug tussen deze beide onderdelen. Hier volg je lessen over culturele diversiteit en ben je bezig met visievorming en intervisie. Het portfolio dat je opbouwt door module-opdrachten lessen in de praktijk uit te voeren vormt de basis. Het is uitdrukkelijk zo dat wat jij leert in de minor, je beroepspraktijk zal verrijken. Schematisch ziet dat er als volgt uit:

Stroom A
Taalmodules (10 EC)
-Taalbeleid
-Taalonderwijs

Stroom B
Visievorming culturele diversiteit en intervisie(10 EC)
-Culturele diversiteit
-Intervisie

Stroom C
Beroepspraktijk (10 EC)
-Beroepspraktijk

Leerdoelen

Bekwaamheidseisen lerarenopleidingen

In deze minor maken we gebruik van de bekwaamheidseisen die zijn ontwikkeld voor de lerarenopleidingen primair en voortgezet onderwijs (https://www.onderwijscooperatie.nl/wp-content/uploads/sites/2/2017/10/Bekwaamheidseisen-ingangsdatum-1-augustus-2017.pdf).

Het gaat hierbij om de volgende bekwaamheden:

 

-Vakinhoudelijke bekwaamheid

-Vakdidactische bekwaamheid

-Pedagogische bekwaamheid

 

Competentieprofiel BVNT2

Daarnaast gebruiken we het competentieprofiel van de BVNT2 (https://bvnt2.org/app/uploads/2017/03/BVNT2_competentieprofiel_2017-2.pdf). De hier genoemde competenties vormen een specificering van de vakinhoudelijke en de vakdidactische bekwaamheid.

 

A-competenties:      

Kennis / Vakinhoudelijke competenties

NT2- docent is competent als taalbeschouwer (A2)

-       de docent kent tweede-taalverwervingstheorieën, heeft een eigen visie ontwikkeld en kan de verschillende visies en benaderingen in leermiddelen en leertrajecten herkennen

-       de docent is op de hoogte van uitstroomprofielen van individuele cursisten en kent verschillende leertrajecten

-       de docent kan kwaliteitscriteria voor NT2-onderwijs benoemen

 

Vaardigheden / Vakinhoudelijke competenties

NT2-docent als intaker en vaststeller van de beginsituatie van cursisten (A3)

-       de docent kan een directe koppeling maken tussen doelen en het onderwijsleertraject

-       de docent NT2 stelt zich op de hoogte van de beginsituatie van de individuele leerders

-       in zijn/haar groep en is in staat zijn/haar onderwijsplanning hierop af te stemmen.

NT2-docent als begeleider van het leerproces (A4)

-       de docent kan de daarvoor geschikte materialen selecteren en inzetten

-       de docent kent een grote variatie aan werkvormen voor het trainen van functionele taalvaardigheid

-       de docent kan het principe van afnemende sturing toepassen in zijn eigen lessen

-       de docent kan in verschillende organisatievormen (klassikaal, open leer centrum, buitenschools leren,                         afstandsleren) de cursist begeleiden bij het leren van het Nederlands

-       de docent kan cursisten effectieve feedback geven

NT2-docent als evaluator (A5):

-       de docent kan op een systematische wijze de voortgang van cursisten in beeld brengen, bijhouden en evalueren.

 

B-competenties:

Algemene Docentcompetenties

De docent is gericht op het begeleiden van cursisten in hun (taal)leerproces in een veilige omgeving én

De docent heeft een open houding t.a.v. andere culturen en is bereid zijn eigen waarden en normen ter discussie te stellen (B1)

De docent werkt planmatig en gestructureerd, zowel in de les als in overdracht naar collega’s (B2)

De docent is bereid tot collegiale consultatie en intervisie (B3)

De docent is in staat te reflecteren op eigen handelen (B4)

-       de docent is bereid zijn eigen functioneren ter discussie te stellen

-       de docent heeft een lerende houding, ook na de opleiding

De docent werkt aan een goede samenwerking met mensen in instellingen buiten de eigen onderwijsorganisatie (B5)

 

Competentieprofiel Masters 

Daarnaast werken de studenten die onderdelen van de minor op masterniveau willen afronden aan de volgende competenties: interpersoonlijk (met leerlingen, collega, omgeving), orthopedagogisch, orthodidactisch, reflectie, praktijkgericht onderzoek (https://plpo.nl/wp-content/uploads/2017/06/Profiel_Master_EN_BROCHURE_WOSO_2016.pdf)

.  

Dublindescriptoren

Zowel op bachelor- als masterniveau wordt getoetst op de Dublindescriptoren (https://www.nvao.net/system/files/pdf/Dublin%20Descriptoren.pdf).

-Ontwerpen op basis van de nieuw verworven kennis (DD 1, 5)
-Gefundeerd handelen in de beroepscontext (DD 2)
-Reflecteren op eigen professionele ontwikkeling  (DD 3, 5)
-Professioneel rapporteren (DD 4, 5)

Aanvullende informatie

De minor gaat van start bij voldoende inschrijving. Toelating geschiedt op volgorde van inschrijving. Houd er rekening mee dat een minor niet door kan gaan vanwege te weinig aanmeldingen of dat een minor vol kan zijn.

Zorg ervoor dat je leerovereenkomst ook voor het einde van de inschrijfperiode ondertekend is en bij de contactpersoon binnen is. Geef bij het opsturen van je leerovereenkomst ook aan of je de minor via regulier onderwijs of e-learning wilt volgen. Op dit moment kunnen wij alleen overeenkomsten die per mail worden toegestuurd in behandeling nemen, dus gelieve geen overeenkomsten per post toesturen.

Let op; deeltijdstudenten betalen vaak een lager bedrag aan collegegeld dan het collegegeld dat voor de deeltijd of voltijdopleiding staat waar zij de minor willen volgen. Houd er rekening mee dat je in dat geval het verschil zelf dient te betalen.

Ben je student van Windesheim? Schrijf je dan in via het aanmeldformulier van je eigen opleiding/domein. Voor studenten Bewegen en Educatie: kijk op de site MinorsBE!

Ingangseisen

De minor staat open voor studenten die een lerarenopleiding (primair onderwijs, voortgezet onderwijs of beroepsonderwijs) volgen en daarvan tenminste de propedeuse hebben behaald of voor studenten die al een onderwijsbevoegdheid hebben.  Studenten van andere -verwante- opleidingen, zoals logopedie of social work kunnen zich ook aanmelden. Met hen wordt een toelatings- en motivatiegesprek gevoerd.  

Toetsing

De minor wordt afgerond met een voldoende beoordeling van de stage, een portfolio en een eindgesprek. 

Literatuur

Verplicht aan te schaffen boeken 
Hajer, M. & Meestringa, T. (2015). Handboek taalgericht vakonderwijs. Bussum; Coutinho
Hajer, M., Hanson, M. Hijlkema, B. en Riteco, A. (2016). Open ogen in een kleurrijke klas. Perspectieven voor de onderwijspraktijk. Bussum: Coutinho

Voor de beroepspraktijken vo en mbo:
Bossers, B., Kuijken, F. & Vermeer, A. (2017). Handboek Nederlands als tweede taal in het volwassenenonderwijs. Bussum: Coutinho.

Voor beroepspraktijken po:
Kuiken, F, Vermeer, A, Litjens, P. (2013). Nederlands als tweede taal in het basisonderwijs. Amersfoort: ThiemeMeulenhoff.

Diverse tijdens de bijeenkomsten te verstrekken literatuur.

Rooster

Studielast

De studielast van de minor is 30 EC (840 SBU), verdeeld over:

Modules
o   Contacttijd modules (inclusief intervisie): 120 uur
o   Opdrachten (inclusief werken aan portfolio): 320 uur
o   Literatuur: 120 uur

Beroepspraktijk
o   Uitvoering: 150 uur
o   Voorbereiding: 130 uur

regulier en e-learning

Deze minor wordt zowel in een reguliere variant als in een e-learningvariant aangeboden. Studenten die deelnemen aan de reguliere variant volgen -zoals in het bovenstaande schema is aangegeven- in totaal 20 dagen lessen (modules, intervisie). In de e-learning-variant worden deze lessen vervangen door het online werken aan opdrachten (a-synchroon) en online contactmomenten via skype of adobe connect (synchroon). Er wordt voor alle studenten een startdag ingepland. De stage-eisen zijn voor beide groepen studenten gelijk.   

beroepspraktijk
We werken met leerwerkovereenkomsten. Dat wil zeggen dat studenten zelf (in samenspraak met de opleiding) zorgen voor een stageplaats die past binnen de uitgangspunten van de opleiding. Je kunt alleen aan de minor deelnemen als je een stageplaats hebt.