Kies op maat

Inloggen Menu

Businessmod. & innov. in flowers & food

Deze minor is een praktijkgerichte minor die door- en met ondernemers wordt uitgevoerd. In deze minor leert de student theorie van businessmodellen en innovatie in de praktijk toe te passen. De student komt tijdens colleges, bedrijfsbezoeken, interviews en een adviesopdracht in contact met minimaal 10 verschillende ondernemers. De student ervaart hoe het is om te ondernemen en te innoveren in de “real-life” context van een specifieke sector, de agribusiness. Kennis van deze sector is een pré, maar niet noodzakelijk. De student zal tijdens de colleges en bedrijfsbezoeken namelijk voldoende geleerd worden over de specifieke kenmerken van deze sector. 

  

De student gaat kennis vergaren en toepassen in de praktijk en ontwikkelt daarbij ervaring en inzicht in wat er nodig is om, binnen deze context, een businessmodel in te richten, te onderhouden en eventueel te innoveren. Ook de gesprekken met de ondernemers en de adviesopdracht zorgen ervoor dat de student veel meer gevoel krijgt bij ondernemerschap en innovatie in de praktijk. De student leert, door de theorie in de praktijk toe te passen, op een andere manier te leren. 

 

De student gaat minimaal 6x op bedrijfsbezoek. In de colleges worden theorieën verstrekt en de bedrijfsbezoeken voorbereid welke achteraf klassikaal worden geëvalueerd. Door de bedrijfsbezoeken komen de theorieën (zoals het bekende Business Model Canvas) veel meer ‘tot leven’.  

 Tijdens de colleges staan we o.a. stil bij de unieke organisaties van de glastuinbouwsector, recente ontwikkelingen uitdagingen en kansen waar deze branche voor staat. (Schaalvergroting, andere verdienmodellen etc.) 

 De minor bestaat uit 4 onderdelen: 

 Theorie: De nieuwste theorieën en kennis rondom businessmodellen & innovatie worden in colleges gebruikt. Ook wordt de student geïntroduceerd in de specifieke kenmerken van de glastuinbouw (flowers & food). Het toepassen van deze kennis op 3 verschillende artikelen (cases) wordt getoetst in het open boek tentamen. Denk hierbij aan vragen waarom de glastuinbouw cruciaal is voor de Nederlandse economie, welke processen daarbinnen een rol spelen en welke uitdagingen op gebied van Logistiek (SCM) en Globalisering er spelen. 

    B2B vaardigheden; de student verricht kwalitatief onderzoek (interviews) naar welke vaardigheden je nodig hebt om op het gebied van businessmodellen en innovatie binnen de glastuinbouw zakelijk succesvol te zijn.  

De student beantwoordt een reeks verschillende vragen die betrekking hebben op de colleges en de afgelegde bedrijfsbezoeken.   

    Praktijkopdracht: De praktijkopdracht is een groepsopdracht (max 4 studenten) gericht om een Innovatie te bedenken voor een bedrijf in de sector. Student zorgt hier zelf voor een gast organisatie. 

 

 

Leerdoelen

De deelnemer beschikt over kennis, vaardigheden en persoonlijke competenties om binnen de tuinbouw op beginnend managementniveau te kunnen opereren. Dit betekent dat de deelnemer na deze minor: 

  Verdiepende kennis heeft van businessmodellen & innovatie: Deze kennis kan relateren aan een specifieke bedrijfscontext voor bedrijven in flowers & food (glastuinbouw); 

    Kennis van ketens en bedrijfsprocessen binnen deze context kan beschrijven en analyseren 

    Innovatie en noodzaak tot vernieuwing onderkend en de belangrijkste trends kan bepalen (zoals MVO, Voedselvraagstuk etc.) 

    Organisatieadvies kan geven op het gebied van innovatie van businessmodellen aan de hand van het BMC 

    B2B vaardigheden op het gebied van relatiemanagement heeft ontwikkeld 

  

Dit komt overeen met de volgende competenties uit het domein Business Administration: 

     Ontwikkelen van een visie op veranderingen en trends in de externe omgeving en ontwikkelen van relaties, netwerken en ketens 

    Inrichten, beheersen en verbeteren van bedrijfs- of organisatieprocessen 

    Analyseren van de financiële en juridische aspecten, interne processen en de bedrijfs- of organisatieomgeving om samenhang en wisselwerking te versterken 

    Daarnaast ook op de zelfsturende en sociale competentie behorende bij dit domein. 

Ingangseisen

3e of 4e jaar student beschikkende over Basiskennis van Marketing en Basiskennis van Bedrijfskunde 

Literatuur

Aanbevolen literatuur (niet verplicht aan te schaffen): 

  • Blokwijzer van deze minor 
  •  Osterwalder, A, & Pigneur, Y. (2009). Business Model Generatie. Deventer: Vakmedianet. 
  •  Maurya, A. (2018). Startup Lean. Stapsgewijs van plan A naar een plan dat werkt. Hilversum: Nubiz.  
  • Osterwalder, A. (2014). Waarde propositie canvas. Deventer: Vakmedianet. 

Rooster

In principe zijn er 2 ruime dagdelen per week waarin de volgende elementen naar voren komen 

Praktijk: Bedrijfsbezoeken, in principe gemiddeld iedere week zal 1 workshop op gaan aan bedrijfsbezoeken. 

Theorie en vaardigheden: Op de HHS een workshop aan de hand van een aantal thema’s 

 

Voor de minor staat een tijdslast van 420 uur. 

 Contacturen ca. 120 uur 

 Workshops (1 dag in de week) 

 Bedrijfsbezoeken (1 dag in de week) 

 Intervisie bijeenkomsten (incidenteel) 

 Zelfstudie ca. 300 uur 

 Zelfstudie en groepssamenwerking (overige) 

Toetsing

  • Het Theorie deel (20%) wordt afgesloten met een Open Boek tentamen. Het tentamen vindt plaats in week 8 of 9 van de minor. Herkansing is 10 weken later. 
  • Vaardigheden (20%): Interviewopdracht. Inleveren in week 8. Verdediging tegelijkertijd met de praktijkopdracht.Herkansing binnen 10 weken. 
  • Case study (30%): Schriftelijke opdrachten uitgewerkt in een portfolio.Het portfolio moet worden ingeleverd in week 7 of 8 van de minor. Herkansing binnen 10 weken. 
  • Praktijk (30%): Presentatie en Advies rapport.  
  • Het verslag wordt opgebouwd aan de hand van het Business Model Innovatie model en kent inhoudelijk de volgende onderdelen; 

Context en Vision 

De theorie die van de eerste 3 onderdelen moeten worden gebruikt bij de opdracht. Er moet een advies geschreven worden voor het 4de onderdeel. 

Het rapport moet worden ingeleverd in week 7 of 8 van de minor, indien voldoende de presentatie in week 10. Herkansing binnen 10 weken. 

Alle onderdelen dienen met tenminste een 5,5 te worden afgerond. Mocht één van deze onderdelen onverhoopt onvoldoende zijn dan krijgt de student na uiterlijk tien lesweken een tweede gelegenheid aangeboden. 

Bij onvoldoende afronding na de herkansingsperiode geldt dat de student zich opnieuw voor de minor moet inschrijven. 

Aanvullende informatie

Bedrijfsbezoeken zijn onderdeel van het lesprogramma. Daarnaast zijn er na de minor stage mogelijkheden bij de samenwerkingspartners en de participanten vanuit het beroepenveld