Kies op maat

Inloggen Menu

Stedelijke Beplanting

“ Om te zien moet je leren kijken “. Met deze slogan wordt de inhoud van de Minor Stedelijke Beplanting voor een belangrijk deel bepaald. Bijna elke week staat er een excursie op het programma welke steeds een specifiek thema kracht bijzet. Het Thijssepark in Amstelveen, een grote boomkwekerij in Duitsland, het Geografisch Arboretum Tervuren in België, de befaamde Sichtungsgarten Hermannshof: allemaal voorbeelden van excursies met een inhoudelijke boodschap, waar jij als toekomstig beplantingsexpert je kennis mee uitbreidt. Behalve in excursies, worden kennis en vaardigheden ook ontwikkelt in gastcolleges, workshops, in groepen of individueel.

Speerpunt van deze minor is natuurlijk het bedenken en toepassen van beplantingsconcepten en beplantingsplannen. In de meeste gevallen is het opdrachtgebied te vinden binnen het stedelijk weefsel maar ook landschappelijke beplanting maakt deel uit van het curriculum van deze minor. gebied. Nieuwe beplanting In woonwijken en bij bedrijven en instellingen of renovatie en revitalisering van de beplanting in parken en landgoederen.

In de eerste periode werk je in een groep voor een externe opdrachtgever aan een beplantingsproject. Het gaat dan om het traject van masterplan tot een beplantingsplan t.b.v. de uitvoering. Opdrachten worden steeds benaderd vanuit het perspectief van huidige maatschappelijke thema’s zoals duurzaamheid, biodiversiteit, klimaatbestendigheid, etc.

In de tweede periode doe je onderzoek naar een thema naar keuze m.b.t. groen in de brede zin van het woord. Dit kan gerelateerd zijn aan sortiment, historisch onderzoek, ontwerpstijlen, etc.

De rode draad in de minor wordt gevormd door een behoorlijke uitbreiding van het sortiment met een nadruk op bomen en vaste planten. Herkennen, maar vooral kennen en toepassen van het sortiment staat hierbij voorop.

Leerdoelen

De beroepstaak “Ontwerpen en Adviseren Beplantingen” staat centraal. De beroepstaak sluit aan bij de competentie Ontwerpen van het beroepenveld van de Tuin- en Landschapsarchitectuur. De competentie sluit af op niveau 3 van de opleiding T&L.

Kennis:

  • Gebruikelijk met uitbouw naar bijzonder sortiment
  • Architectonische bouwstenen
  • Rol van de ontwerper en beplantingsdeskundige.
  • Juridische en financiële mogelijkheden
  • Bestuurlijke en maatschappelijke netwerken

Vaardigheden:

  • Probleemoplossend vermogen en besluitvaardigheid.
  • Visievorming (doelen en oplossingsrichting)
  • Verbeelden/ontwerpen (grafisch, hand, computer, artistiek)
  • Creatief/innovatief denken
  • Opstellen van plannen voor nieuwe aanleg, reconstructie, renovatie

Oordeelsvorming:

  • Doelgroep inschatten
  • Belangenafweging
  • Inschatten maatschappelijke relevantie
  • Doelgericht werken

Communicatie:

  • Sociaal-communicatieve omgang met opdrachtgevers en derden (opstellen communicatieplan)
  • Corresponderen
  • Planpresentatie (rapporteren en presenteren)
  • Artikel/rapport schrijven
  • Adviseren
  • Argumenteren

Attitude:

  • Luisteren
  • Inlevingsvermogen
  • Overtuigingskracht
  • Klantgerichtheid
  • Proactief

Aanvullende informatie

Doelgroep:

VHL:        Tuin- en Landschapsinrichting.

VHL:        Bos- en Natuurbeheer

HAS:        Landscape Design

Saxion:    Stedenbouw- en ruimtelijke ontwikkeling

WUR:       Landschapsarchitectuur

Meerwaarde:

Als het gaat om planning, inrichting en het beheer in een stedelijke omgeving, dan onderscheidt Tuin- en Landschapsarchitectuur zich van bijvoorbeeld stedenbouwkundigen en civieltechnici door hun (grote) kennis van planten en beplantingen. In deze minor wordt die kennis uitgebreid. Binnen het werkveld van de Tuin- en Landschapsarchitectuur zijn de studenten die deze minor hebben gedaan de ‘beplantingsexperts’.

Verplichte contacturen:

De student dient 5 dagen per week beschikbaar te zijn voor het onderwijsprogramma.

 

Ingangseisen

Bij studenten met een andere vooropleiding dan Tuin- en Landschapsinrichting, wordt altijd middels een intakegesprek bepaald of hij/zij (deels) kan instromen in de minor Stedelijke beplanting.

Toetsing

40 % Project, periode 1 = cijfer per studentengroep 1-10
40 % Onderzoek, periode 2 = cijfer per studentenduo 1-10
20% Sortimentskennis, periode 1 & 2 = cijfer individueel 1-10

Beoordelingsschaal Minor: Cijfer 1-10

Literatuur

Stadsbomenvademecum 4, IPC Groene Ruimte
Dictaat Loofhoutgewassen
Dictaat Kruidachtige gewassen
Catalogi Kwekerijen

Rooster

Interviews, overleg- en presentatiebijeenkomsten.
Gebiedsexcursies, referentie excursies.
Werken in ateliers in groepen of individueel (groepsgrootte varieert) onder wekelijkse begeleiding van competente docenten.
Gastcolleges door ter zake deskundigen.
Werkruimte, computers, actuele computerprogramma’s en printvoorzieningen staan ter beschikking.